De geschiedenis van de Mälars.

Het ontstaan van de Mälar 22 en 30 is nauw verbonden met de zweedse zeilsport.

De zeilerij als sport en vrijetijdsbesteding beleefde rond 1850 haar doorbraak (1851 was het jaar van de eerste America’s Cup in Cowes). Met arbeiders boten, zoals de engelse Koster kutters, werd destijds veel gevaren op de westerlijke kustwateren van Zweden. Zeker in het race-circuit was er veel belangstelling, ook op de Mälaren .

De Mälaren zijn meren die vanuit Stockholm 150 km het binnenland in gaan met duizenden eilanden). Door de verschillende typen boten die meevoeren in de wedstrijden, was er behoefte aan een eenheidsklasse die de bekwaamheid van de stuurlieden pas echt liet zien. Hier is toen de eerste eenheidsklasse van Zweden ontstaan, te weten de ‘scherenkruiser’ klasse. In deze klasse werden zeiloppervlak, romplengte en een aantal andere bouwregels gedefinieerd. Een klasse met deze bedoeling werd ook verlangd op de Mälaren. Enige andere voorwaarde was dat de kosten van dit nieuwe boottype relatief erg laag moest zijn, zodat er veel mensen zich één konden veroorloven.

Aan het eind van de jaren ’20 had Gustav Estlander een ontwerp klaar liggen voor de, tot op heden nauwelijks veranderde, Mälar 22. Met dit ontwerp bleek Gustav een goed ontwerp te hebben gekozen. De M22 komt het best tot haar recht in op de Mälaren met haar natuurlijk parcours van eilanden, fjorden en landtongen. De Mälaren kent geen stroming en door de dichte bebossing en vele eilanden is er weing golfslag. De genua van de M-boot is dan ook op deze condities gebouwd: vlak water en een zacht briesje. De hoogte aan de wind van de M-boten is zeer goed en dus ideaal om tussen de scheren en smalle passages te kruisen.

De M22 was snel een gegeven op de Mälaren, maar men verlangde alweer naar meer. Men wilde een grotere boot met praktisch dezelfde eigenschappen, maar waarmee ook met de familie lange tochten gemaakt kon worden.

Wederom kwam Gustav Estlander met een ontwerp. In 1930 lag het ontwerp op tafel om uiteindelijk in 1933 werkelijkheid te worden.

De Mälar 30 was zowel een (bewoonbare) familie boot als een sportieve race boot geworden. De afmetingen van 11.5 x 2.06 mtr waren niet veel groter dan die van de M22 (9.5 x 1.8 mtr), maar onderdeks was er een zee aan ruimte gecreerd. Een vergelijking met de huidige maatstaven is hier niet op zijn plaats. Daarin zou deze ruimte slechts van ‘salon’ afmetingen zijn van een moderne kieljacht.

In principe zijn deze boten ook meer voor de minimalisten, die in eerste instantie op het water willen zijn en van de natuur willen genieten. Meeste M30’s hebben een twee persoons kooi in de voorpunt en twee langsscheepse slaapbanken. Een simpel gas of petroleum kooktoestel en petroleum lampje gaven enigszins wat comfort, licht en warmte. Voor een toilet was er geen ruimte.

Met twee man was het zeiloppervlak van ongeveer 30 vierkante meter makkelijk te handelen. Een spinnaker was destijds te duur en zou mensen weerhouden deze boten te kopen en zonder spinnaker zijn deze boten al snel genoeg.

Een rif voor het grootzeil is evenmin aanwezig (ook te duur). In het geval van ‘teveel’ wind, werd er enkel op de genua of grootzeil gevaren.

Ondanks het relatief lage vrijboord zal de bemanning weinig last hebben van water, gezien zij zeer ver naar achter zitten.

Meeste M30’s hebben een 4 tot 8 pk buitenboord motor aangehangen, maar een echte Mälar zeiler zal deze zeer zelden gebruiken en met zijn zeilvaardigheden met behulp van de wind de haven binnen varen.

In 1950 waren inmiddels 25 M30’s verkocht. Van de M22 voeren er reeds 130 rond. Op grond van het hoge snelheids potentieel en wendigheid kregen de M22 en M30 al snel de bijnaam ‘scheren windhond’.

De prijs-kwaliteit verhouding was van de M22 en M30 zo gunstig dat er geen andere klassen waren waarbij men zoveel zeilplezier had voor die prijs.

In 1946 werd dit alleen nog maar gunstiger toen de Mälar 25 op de markt kwam. Van deze 10 meter lange houten boot zijn er rond 80 gebouwd. De M25 was een nog ruimere ‘cruiser/racer’ met een hoger vrijboord, waarmee dus ook met slechter weer en golfslag goed gevaren kon worden.

Om de zeiljeugd in de zeilerei te krijgen werd in 1950 de Mälar 15 geintroduceerd. Deze junior M was met een lengte van 7.92 mtr als racer of dagzeiler voor twee personen bedacht. Door de geringe vraag/interesse zijn er slechts 16 van gebouwd.

Iedere M-boot is anders. Zowel binnen als buiten. De boten moesten voldoen aan een aantal regels, om door te gaan als eenheids klasse, maar verder was er de vrijheid het e.e.a. naar eigen inzicht in te delen.

Doordat verschillende werven de bouw verzorgde heeft iedere M zo zijn eigen karakteristieken. De meeste M-boten zijn overigens door Oscar Schelin in Kungsör gebouwd.

Veelal is het interieur door de eigenaars zelf betimmerd of zelfs leeg gelaten om geen extra kilo’s mee te nemen tijdens de wedstrijden.

Tot op heden zijn er van de M30 90 in ‘pine’ vervaardigd. Tevens zijn er in de latere jaren een aantal in geheel mahonie gemaakt. Deze zeilen allen nog rond. Tussen 1973 en 1978 deed de kunstof zijn intreden in de Mälar wereld en werden 31 polyester boten M30’s gebouwd. Om nog steeds als een eenheids klasse te varen, waren de kunstof boten op zo’n manier gebouwd dat de karakteristieken en zeileigenschappen gelijk waren als die van de houten variant.

In eerste instantie werd er sceptisch op gereageerd, maar later werden deze ‘plastic’ Mälars geaccepteerd aangezien er steeds meer mensen een Mälar boot zouden kopen.

De kosten van een houten boot zijn tegenwoordig ook in Zweden erg hoog en wordt de nieuwbouw in polyester tegenwoordig erg gepromoot.

Hiermee willen ze ook vooral de verkoop van de houten historische exemplaren aan het buitenland een halt zetten. Een fenomeen dat de meeste zweden liever niet zien. Doordat de interesse in Zweden naar dit soort boten toch wel wat afneemt, hebben ze hier wel hun twijfels over. Hoofdzaak is dat de boten worden gekoesterd en gezeild. Of dat nu in Zweden, in Duitsland of in Nederland is.

 

De M30 heeft de volgende dimensies:

Lengte over alles           11.5 mtr

Lengte waterlijn            7.64 mtr

Breedte                        2.06 mtr

Diepgang                      1.4 mtr

Grootzeil                      23 m2.

Genua                          9 m2

Kielgewicht                  1230 kg

Waterverplaatsing         2.35 m3

 

De M22 heeft de volgende dimensies:

Lengte over alles           9.5 mtr

Breedte                        1.8 mtr

Diepgang                      1.3 mtr

Totaal zeilopp.              22 m2

Kielgewicht                  780 kg

Waterverplaatsing         1.45 m3